× 
Klik in dit venster
op: http://beeldmeditaties.nl
om naar die site over te stappen.

Sluit het venster om te blijven.

           
welkom menu contact zoeken
HeiligenkalenderHeiligen op naamPatroonheiligenHedendaagse namenMeer...     
† 11-12e eeuw  Jugon van Bretagne

Info afb.

Jugon (ook Jud-con, Jouhon en Jucundus) van Bretagne, Frankrijk; herder; † 11 à 12e eeuw.

Feest 4 juni.

Hij zou geboren zijn in een gehucht Haudiard dat gelegen moet hebben in Gacilly. Zijn vader stierf toen hij nog klein was. Daarom moest hij het land en de tuin bewerken om in zijn moeders en eigen onderhoud te voorzien. Hij deed dat zo ijverig en werd daarbij zozeer door de hemel gezegend dat zijn grond vier keer zoveel opbracht als dat van de omgeving. Daarnaast had hij ook de zorg voor wat schapen en een koe waar hij met zijn moeder van leefde.

Twee mijl bij hem vandaan woonde de priester van de parochie St-Martin-sur-Oust. Daar ging hij elke dag naar toe om onderwijs te volgen. Zo zou hij straks van nog meer waarde kunnen zijn voor zijn arme moeder. Dan vertrouwde hij zijn beesten toe aan de kinderen die toch op hun eigen kuddes moesten passen. Om zijn dieren te beschermen trok hij er met een staf een wijde cirkel omheen. Nooit begaven ze zich daarbuiten en de wolf werd er wonderlijk genoeg door op afstand gehouden. Maar op een dag vergat hij zijn cirkel te trekken. De herderskinderen speelden en de wolf zag eindelijk zijn kans schoon. Hij verscheurde en doodde de koe. Jugons moeder die het zag gebeuren zette het op een gillen Haar zoon kon het twee mijl verderop horen.

Volgens een legende waren de priester en hij juist bezig met de declinaties van het woord ‘templum’: templum, templi, templo, templum, templo enz. Plotseling zei de jongen: ‘Heer, ik word geroepen.’ ‘Ik hoor niks, jongen.’ ‘Maar als u uw voet op de mijne zet, zult u horen wat ik ook hoor.’ En inderdaad, de rector hoorde iemand wanhopig roepen. ‘Ga vlug naar je moeder. Trouwens, je weet nu al meer dan ik. Wie weet waartoe God je roept.’ De jonge Jugon snelde naar huis, raakte met zijn staf even de resten van de koe aan en op zijn gebed zorgde de hemel ervoor dat zij met dwaze sprongen weer bezit nam van het gras.

Op zijn zestiende werd Jugon ziek. Vlak voor zijn dood vroeg hij of voor zijn begrafenis de kar met witte ossen van zijn oom gebruikt mocht worden. Dan moest men hem begraven op de plek waar de dieren zouden stilhouden. Zo gebeurde.

Op zijn graf bouwde men uit eerbied voor zijn nagedachtenis een kapelletje. Daar bad men de hemel om regen door de voet van een processiekruis in zijn bron te houden. Zieken kwamen er verlossing van hun kwalen afsmeken. Dat deden ze onder andere door onder zijn tombe door te kruipen. Tot aan de Franse Revolutie (1789) bewaarde de kerk van het naburige Carentoir een reliekhouder met zijn schedel. Zondag na Pasen werd de reliek in processie van de kerk naar zijn kapelletje overgebracht. Daar stelde de priester de gelovigen op in twee rijen, en liep er zelf tussendoor, waarbij hij bij ieder even de kostbare ciborie op het hoofd plaatste. Tegenwoordig wordt hij vereerd in het naar hem genoemde gehucht Saint-Jugon (gem. la Gacilly, Morbihan); de kapel is toegewijd aan St-Jouhon des Bouys (Sint Jugon in het Bos); ook in Carentoir en Fougerets leeft de herinnering aan hem voort. Hij geldt als patroon voor herders en schapen. Daarnaast wordt zijn voorspraak ingeroepen tegen koorts. In Côtes-du-Nord ligt nog een plaatsje Jugon.


Bronnen
[DSB.1979p220; Gby.1991p460; Mlu.1990p:45(afb:44); Pzc.2002p:293; Roy.1986p:251; Dries van den Akker s.j./2009.03.22]

© A. van den Akker s.j.

VoorwoordHoe wordt men heilige?
© AuteursrechtWoordenboek
LeeswijzerGastenboek
Bronnen